Gridmethode

Gridmethode.
  Binnen de stedenbouw wordt de gridmethode al gebruikt om te voorspellen hoe wijken zich gaan ontwikkelen in de toekomst en hoe een nieuw gebied het beste kan worden ingericht. Het systeem bestaat uit 2 agents. De eerste agent kijkt naar het landgebruik en probeert dit te optimaliseren. De 2e kijkt waar bepaalde faciliteiten geplaatst moeten gaan worden. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een grid, waarbij elke cel een gebied van bijvoorbeeld 100 bij 100 meter representeert.

Gridmethode.
  Als eerste zal het landgebruik voor een bepaald gebied geoptimaliseerd worden. Bij het landgebruik wordt bepaald waar een weg komt te liggen, de woonwijk, natuur, industrieterreinen enz. Dit zal gedaan worden door cellen met elkaar te verwisselen en te berekenen of in de gewisselde toestand een situatie beter is dan die daarvoor. Zo ja, dan blijft de situatie omgedraaid en anders zal de cel weer in de originele toestand geplaatst worden. Dit zal cel voor cel herhaald worden tot een gehele situatie berekend is. Vervolgens zal de faciliteitenagent bepalen waar het beste een winkelcentrum kan komen te liggen hoe groot die moet zijn en wat het servicegebied is. Dit kan ook gedaan worden voor scholen, politiebureaus etc. Vervolgens zal het landgebruik met de nieuwe gegevens van de faciliteitenagent verder rekenen.
De 2 agents leren weer van elkaar en werken op deze manier langzaam naar een einddoel.Binnen de bouwkunde kan dit ook gebruikt worden. Zo kun je de woonwijk en industrie vertalen naar verschillende vertrekken. In het grid kan je iets opnemen wat de maximale hoogte van een gebied bepaald. Ook is te controleren of bepaalde vertrekken aan elkaar moeten liggen of niet. Er zijn ook extra controles mogelijk of de vertrekken aan de minimale maat voldoen en/of de kosten van een woning niet te hoog worden. Dit alles zou met de landgebruikagent en wat extra aanvullingen gedaan kunnen worden.
De faciliteitenagent zou ervoor kunnen zorgen dat een cv-installatie zo optimaal mogelijk in een woning geplaatst kan worden of dat alle ruimten zo optimaal mogelijk gebruik kunnen maken van de zon.

Binnen de stedenbouw wordt er gebruik gemaakt van een 2D grid. Dit in tegenstelling tot de bouwkunde waar hoogte heel belangrijk is. Een woning met verdiepingen is een 3D object waardoor er aan het grid een extra dimensie moet worden toegevoegd. Ook is er een andere oplossing door van een 2,5D grid gebruik te maken. Hier worden de verdiepingen niet op elkaar geplaatst maar naast elkaar. De gridcellen zullen variabel in grootte zijn zodat gekeken kan worden wat voor een invloed dit heeft op de oplossingen. Ook nu weer zou de klant aan moeten geven wat hij wilt uitgeven, welke vertrekken hij wilt, hoe groot het terrein is en wat de maximale kosten mogen zijn. Er kan ook aangegeven worden welke vertrekken er mogen groeien en hoe sterk.

Om verschillende soorten woningen te maken zouden er verschillende soorten controletabellen gemaakt moeten worden die bepalen hoe een woning eruit komt te zien. In deze tabellen wordt aangegeven of een relatie tussen bepaalde vertrekken wenselijk is en hoe groot deze wens is. Deze tabellen zullen door een gespecialiseerd persoon (zoals de architect) ingevuld moeten worden.

Als programmeeromgeving wordt er voor dit programma gebruik gemaakt van Excel omdat deze alle standaardcomponenten van het programma bevat, namelijk berekeningen kunnen maken en het kleuren van cellen.

Voor de optimalisatieberekening zijn er 2 mogelijkheden te weten een aanliggende- en een afstandsberekening. De aanliggende berekening berekend alleen de waarde rond de geselecteerde cel (dus de directe buren en de buren die hier diagonaal aan liggen). Elke waarde in een cel representeert een type vertrek. In de controletabellen voor de aanliggende berekening staat hoe goed of slecht het is als een bepaald vertrek aan een andere ligt. Door te controleren wat de direct aanliggende functies en de diagonale functies zijn kan bepaald worden hoe goed de cel in de originele situatie is. Vervolgens wordt de cel geswitcht met een referentiecel en opnieuw berekend hoe deze situatie is.
Daarnaast is er ook nog een afstandsberekening. Deze berekening gaat verder als de voorgaande. Nu wordt er niet alleen naar de buren gekeken maar naar alle cellen in de gehele situatie. Hierdoor zullen de verschillende type vertrekken sneller op elkaar gaan aansluiten. Daarnaast zal nu in de controletabellen niet alleen staan hoe goed een bepaalde functie tov een ander is maar ook de afstand zal hierin meegenomen worden. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om ervoor te zorgen dat een toilet altijd 3 meter van een woonkamer ligt of dat alle vertrekken minimaal 2 meter van de straat af liggen.

Tussen het originele stedenbouwkundig programma en de bouwkundige variant zitten behoorlijk grote verschillen. Zo is het niet alleen zo dat in het bouwkundig programma de celmaat behoorlijk verkleind is maar ook dat er in de bouwkunde naar 3D informatie gekeken moet worden terwijl dit in de stedenbouw beperkt blijft tot 2D. Om tot een ander type plattegrond te komen zal een specialist van het programma ingeschakeld moeten worden om andere controletabellen te maken. Voor consumenten kan het vlekkenschema, mits er goede controletabellen gebruikt worden, de eerste aanzet zijn tot het definitieve ontwerp. Echter zal in dit prototype bij gelijkblijvende controletabellen en instellingen de uitkomstenreeks ook steeds hetzelfde zijn en minder inspirerend als bij het genetisch algoritme.

   De 3 verschillende berekening met de grid methode.

{sh404sef_social_buttons}

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *